[MSN] Persbericht Brandraad'08: een definitieve reactie

MSN msn-list at te.verweg.com
Sat May 3 08:43:09 CEST 2008


Persbericht Brandraad’08: niet onderbouwd en ondanks ‘deskundigheid’ leden
gespeend van enig inhoudelijk advies; een ultieme reactie.

Geformatteerde tekst inclusief links is te vinden op:
http://snipurl.com/26wv9

In diverse teksten reageerde ik afgelopen week op het door de Brandraad’08
gepubliceerde persbericht. Deze teksten zijn te lezen op:
http://www.museumbeveiliging.com/category/brandraad08/

Hoewel het persbericht van de Brandraad’08 slechts 1 pagina beslaat bevat
het bericht zo veel vaagheden, ongefundeerde conclusies en verwijtende
uitspraken dat mijn reacties in totaal een groot aantal pagina’s beslaan.

Vooraf

Ik was voor deelname aan de Brandraad’08 uitgenodigd, bracht initiator
Michel Walhof met enkele deelnemers in contact en presenteerde vooraf
documentatie. Op de dag van de bijeenkomst in Brummen was ik helaas op het
laatste moment verhinderd. Aanvankelijk stoorde het mij zeer dat aan mijn
voorbereidende inspanningen geen recht gedaan werd en mijn naam niet
voorkwam op de Brandraad’08 site of het persbericht. Ik heb dat Walhof via
de e-mail laten weten. Echter binnen een kwartier na dat bericht mailde ik
hem weer met de mededeling dat ik onder geen voorwaarde wilde dat mijn naam
in verband met de Brandraad’08 zou worden genoemd omdat ik het zeer oneens
was met het persbericht van de Brandraad’08.

Het persbericht van de Brandraad’08

De Brandraad’08 kwam op 23 april 2008 bijeen. Het programma besloeg maximaal
drie uur. Er werden, met uitzondering van een studie over brand en roerend
cultureel erfgoed door Herman Meuleman uit 1994, vooraf geen stukken
uitgewisseld. Er waren geen onderzoeken beschikbaar op basis waarvan de
discussie gevoerd werd. Dus, de conclusies die de Brandraad’08 trok
zijn enkel gebaseerd op een vergadering van drie uur tussen een zeer gemengd
gezelschap van ‘deskundigen’ die elkaar voor het eerst ontmoetten. Het
fundament waarop een conclusie over de organisatie, het risicobewustzijn en
de kennis van preventiemaatregelen bij duizenden erfgoedbeheerders werd
getrokken was dus uiterst smal.

Onderstaand een poging grondig en op basis van argumenten definitief op dat
persbericht van de Brandraad’08 in te gaan. Het volledige persbericht van de
Brandraad’08 is te vinden aan het einde van dit artikel. Delen uit het
persbericht van de Brandraad’08 zullen cursief en vetgedrukt voorafgaan aan
mijn reacties.

Eerst enige opmerkingen over de naam en de achtergrond van de Brandraad’08.

De Brandraad’08 werd opgericht door Michel Walhof, directeur van het
sprinklerbedrijf Aqua. Walhof kwam op het idee de Brandraad’08 op te richten
naar aanleiding van de brand in het Armando Museum. In het persbericht wordt
de brand in het Schutterij Museum in Steyl ook als aanleiding genoemd. Dat
is een vervalsing van de Brandraad’08 voorgeschiedenis. Die Brandraad’08
werd namelijk zes weken voorafgaand aan de brand in het Schutterij Museum al
aangekondigd.

De naam Brandraad’08 doet vermoeden dat deze brandraad er een is uit een
reeks. Dat zal nog moeten blijken want er gingen geen brandraden aan deze
2008 editie vooraf. De naamskeuze verdient een compliment. Brandraad doet
erg denken aan adviesraad of Veiligheidsraad en wekt de indruk dat we hier
te maken hebben met een niet-commerciële activiteit, of ten minste een
privaat-publieke raad. Niet is minder waar. De Brandraad’08 is, althans
volgens het persbericht, een puur private aangelegenheid omdat, nogmaals
volgens het persbericht, alle leden van de Brandraad’08 deelnamen op
persoonlijke titel (ik kom daar nog op terug).

Het persbericht van de Brandraad’08 werd met hulp van een bureau
gespecialiseerd in de verspreiding van persberichten (Capita) de wereld in
gestuurd onder de pakkende titel: NEDERLANDSE ERFGOEDSECTOR ONVOLDOENDE
BEWUST VAN BRANDRISICO’S. Een titel die uitnodigt tot lezen, vooral omdat je
verwacht dat in de tekst deze titel zal worden onderbouwd. Niets is minder
waar. Deze titel wordt nergens in de tekst aan de hand van voorbeelden,
onderzoeken, statistieken onderbouwd en blijft daardoor op het niveau van
een ongefundeerde kreet.

Eerste reactie en repliek

Meteen na het verschijnen van het persbericht stuurde ik een breed
beargumenteerde kritiek naar de Brandraad:
http://www.museumbeveiliging.com/2008/04/24/sprinklers-voor-de-meeste-musea-
absoluut-niet-de-oplossing-persbericht-brandraad08-doet-geen-recht-aan-de-er
fgoedsector/

Op die kritiek kreeg ik drie reacties van Brandraad deelnemers.

Rene Hagen schreef dat het niveau (?) van mijn reactie niet uitnodigde tot
verdere discussie. Een boeiend standpunt van iemand die al zijn mails
ondertekent met Lector Brandweeracademie. Het persbericht van de raad had
een zeer laag niveau want alle onderbouwing ontbreekt, maar als je met
argumenten reageert duikt de raad weg en speelt de man in plaats van de bal.


Een tweede deelnemer vertelde mij mondeling de middag van de bijeenkomst
niet goed geconcentreerd te zijn geweest en dat het persbericht er heel
anders uit zou hebben gezien indien ik (ondergetekende) aanwezig was
geweest. Deze deelnemer nam feitelijk afstand van het persbericht.

Een derde deelnemer mailde mij dat de kern van de discussie heel positief
was. Helaas is van die positiviteit in het persbericht niets te vinden.

Definitieve reactie op het Brandraad’08 persbericht 

Het persbericht begint met:

"Bij een groot aantal musea, archieven, bibliotheken en monumenten staat
brandbeveiliging niet hoog genoeg op de agenda".

Alleen in deze eerste zin wordt de specificatie ‘musea, archieven,
bibliotheken en monumenten’ gegeven. In de rest van het persbericht wordt
gesproken over erfgoedbeheerders of erfgoedsector. Die erfgoedsector bestaat
uit meer dan alleen maar de vier door de Brandraad’08 genoemde categorieën. 
Naast musea, bibliotheken, archieven en monumenten vallen ook kerken met
erfgoed, molens, kastelen, en industrieel erfgoed zoals oude stoomgemalen en
zelfs historische tuinen en arboretums onder de definitie erfgoedsector. In
Pieterburen is bijvoorbeeld een historische tuin, Domies Toen, die als
museum geregistreerd is in het Nederlandse Museumregister. 

Er zijn in Nederland circa 1200 musea, 2000 archieven en bibliotheken, 1100
molens, 7000 kerken (die ingeschreven staan bij de Stichting Kerkelijk
Kunstbezit Nederland) en vele honderden, zo niet duizenden, monumenten,
inclusief kastelen. Om dubbeltellingen te voorkomen heb ik die duizenden
monumenten niet in de totaaltelling opgenomen, maar alleen uitgaande van de
musea, kerken, molens, bibliotheken en archieven is de Nederlandse
erfgoedsector zeker 10.000 organisaties rijk. 

Wanneer de Brandraad’08 het heeft over ‘een groot aantal’ dan zal de raad
toch minstens de helft van alle erfgoedbeheerders bedoelen. Zou het namelijk
om minder dan de helft van de erfgoedsector gaan, dan had de Brandraad’08
fatsoenshalve in het persbericht moeten vermelden dat bij een meerderheid
van de erfgoedbeheerders brandbeveiliging hoog genoeg op de agenda staat. Ik
ga er vanuit dat de Brandraad’08 niet erop uit was een negatieve sfeer te
scheppen over de erfgoedsector -of vergis ik me daarin? - en tegen beter
weten in in het persbericht suggereerde dat het bij een meerderheid van de
erfgoedsector niet snor zit met de agendering van brandbeveiliging. 

Helaas, blijft de vraag open hoe de Brandraad’08 aan de wijsheid gekomen is
dat het bij een groot deel (meer dan 5000 organisaties?) huilen met de pet
op is waar het gaat om de agendering van de brandbeveiliging. Helaas bieden
de krantenartikelen die op basis van het persbericht verschenen - het
persbericht werd hier en daar vrijwel geheel klakkeloos overgenomen - geen
duidelijkheid. Integendeel. Brandraad’08 deelnemer Rene Hagen, lector aan de
Brandweeracademie, maakt de verwarring alleen maar groter wanneer hij in een
interview beweert: “Precieze aantallen en namen van musea kan de raad niet
geven, maar in het algemeen is er geen aandacht voor de brandveiligheid van
het cultureel erfgoed”. Hier breekt mijn klomp! De Brandraad’08 beschikt
niet over ‘precieze aantallen’, maar weet wel dat ‘een groot aantal musea,
archieven, bibliotheken en monumenten brandbeveiliging niet hoog op de
agenda heeft staan’. Dit riekt verdacht veel naar ‘hinein interpretieren’
zonder te beschikken over enig relevant, deze bewering ondersteunend
feitenmateriaal.


“Recente museumbranden zoals in Amersfoort en Steijl kunnen ook elders
uitbreken. concludeert de Brandraad ’08 tijdens haar eerste bijeenkomst op
23 april te Brummen”. 
 
Dat ‘recente branden zoals in Amersfoort en Steyl ook elders kunnen
uitbreken’ is een fascinerende conclusie. Als de Brandraad’08, gebaseerd op
duidelijke verifieerbare feiten, geconcludeerd had dat branden zoals de twee
genoemde niet elders kunnen uitbreken dan zouden bijna alle Brandraad’08
deelnemers op slag werkeloos zijn geweest en kon Aqua de deuren sluiten. Er
is maar 1 conclusie mogelijk: natuurlijk kunnen dergelijke branden ook
elders uitbreken.

De volgende zin is ronduit pijnlijk:

“Onduidelijkheid over verantwoordelijkheden, onvoldoende risicobewustzijn en
gebrek aan kennis van preventiemaatregelen behoren tot de belangrijkste
oorzaken.” 

Dat kunnen de beide door de Brandraad’08 als voorbeeld genoemde door brand
geslachtofferde musea in hun zak steken. Die branden zijn veroorzaakt door
‘onduidelijkheid over verantwoordelijkheden, onvoldoende risicobewustzijn en
gebrek aan kennis van preventiemaatregelen”. Een onfris verwijt dat heel
makkelijk door feiten kan worden weersproken. 
Ik ben hier gedwongen uit de school te klappen omdat ik vlak voor de brand
in het Armando Museum dat museum bezocht voor het verrichten van een
risicoanalyse. Ik heb daar kunnen constateren dat het museum voorzien was
van brandwerende compartimenten, van een goed onderhouden recent aangelegd
elektrisch systeem en van een gecertificeerde recente brandmeldinstallatie
conform de NEN 2535. Bovendien was er in het museum een opgeleide Beheerder
Brandmeldinstallaties (BBMI) conform de NEN 2654-I. Het Armando Museum aan
te wrijven dat die brand te wijten is aan een slechte organisatie (=
onduidelijkheid over verantwoordelijkheden), onvoldoende risicobewustzijn
(waarom dan al die preventieve voorzieningen en de brandmeldinstallatie?) en
onvoldoende kennis van preventieve maatregelen (idem) raakt kant noch wal en
is misplaatst verwijtend naar dat museum. 

Over het Schutterij Museum kan ik kort zijn: die brand werd in het holst van
de nacht door een psychiatrisch patiënt aangestoken. Dat museum treft eerder
lof dan blaam, want het is ondanks deze nachtelijke overval door een
brandstichter gelukt vrijwel de gehele collectie te redden.

Lees ik misschien verkeerd en bedoelde de Brandraad’08 niet dat de drie
genoemde onvolkomenheden branden veroorzaken, maar dat hierdoor
brandbeveiliging niet hoog genoeg op de agenda staat? Nee, ik lees niet
verkeerd, maar ik lees wat er staat. ‘Branden als in Amersfoort en Steyl
kunnen elders ook voorkomen’ wordt meteen gevolgd door de conclusie dat
‘onduidelijkheid over verantwoordelijkheden etc etc’ de oorzaken zijn.
‘Branden’ en ‘oorzaken’



“Brandraad ’08 bestaat uit zes deskundigen op het snijvlak van
brandveiligheid en cultureel erfgoed die zich op persoonlijke titel hebben
gebogen over de brandveiligheid van het Nederlands cultureel erfgoed.”

Deskundigen op het snijvlak van brandveiligheid en cultureel erfgoed? De
brandbeveiligingsexperts Rene Hagen en Michel Walhof hebben in hun
persuitlatingen meer dan duidelijk aangetoond dat ze mijlen verwijderd zijn
van dat snijvlak en geen enkele kennis, of misschien zelfs affiniteit,
hebben van/met de erfgoedsector. Blijkbaar zijn alle deelnemers aan de
Brandraad’08 het eens met het persbericht van de Brandraad’08 want hun namen
staan er onder. Ik nodig hen uit via enige zelfreflectie te bepalen in
hoeverre ze zich op dat snijvlak bevinden of dat het eigenlijk zo is dat ze
of erfgoeddeskundigen, of brandbeveiligingsdeskundigen zijn, maar op het
snijvlak van??


“

 op persoonlijke titel hebben gebogen over de brandveiligheid van het
Nederlands cultureel erfgoed”.
 
Op persoonlijke titel? Als dat zo is, waarom staan dan volledige functies en
organisaties bij de namen van de deelnemers vermeld onder het persbericht?
Niets persoonlijke titel natuurlijk. De deelnemers aan de Brandraad’08
werden niet op persoonlijke titel, maar juist vanwege hun beroepsmatige
achtergrond in die Brandraad’08 uitgenodigd. Die beroepsmatige achtergronden
(lector brandweeracademie, voorzitter European Fire Sprinkler Network,
Erfgoedinspectie en bestuurslid sectie Veiligheidszorg van de
Museumvereniging, director risk control AON Global Risk Consulting,
projectmanager kenniscentrum veiligheid cultureel erfgoed) waren broodnodig
om de Brandraad’08 het gewenste gewicht te geven.


“De raad is opgericht naar aanleiding van de branden in het Armando Museum
en het Limburgse Schutterijmuseum en heeft tot doel om brandveiligheid in de
erfgoedsector hoger op de maatschappelijke agenda te zetten.”

Michel Walhof, directeur van sprinklerbedrijf Aqua, nam het initiatief tot
het oprichten van de Brandraad’08 na de brand in het Armando Museum. De
brand in het Schutterij Museum vond plaats twee weken voor de eerste
bijeenkomst van de Brandraad’08. Toen de brand in het Schutterij Museum via
het radionieuws naar buiten kwam werd ik door Michel Walhof opgebeld terwijl
ik met een collega onderweg was in de auto. Mijn GSM stond in de
handsfreeset en mijn collega en ik hoorden beiden de stuitende mededeling
van Walhof dat “die brand in Limburg mij (Walhof) erg in de kaart speelt”.


“De brandveiligheid in de erfgoedsector hoger op de maatschappelijke agenda
zetten”? 

Heel ambitieus. De brandveiligheid moet ineens niet alleen hoger op de
agenda in de erfgoedsector, maar hoger op de maatschappelijke agenda. Is dat
nodig? Mij dunkt dat via het Bouwbesluit en de Gemeentelijke
Bouwverordeningen de brandveiligheid heel hoog staat op de maatschappelijke
agenda. Heeft de Brandraad’08 het in de eerste zin van het persbericht over
brandveiligheid op de agenda van de musea, archieven, bibliotheken en
monumenten, nu wordt de ideële taak van de Brandraad’08 plotseling nog veel
hoger opgevat. De brandveiligheid in de erfgoedsector moet hoger op de
maatschappelijke agenda. Hoe, Brandraad’08, zo vraag ik me af?


“Door de hoeveelheid betrokken partijen bij brandbeveiliging zoals
overheden, erfgoedbeheerders en de brandweer, zijn verantwoordelijkheden
niet altijd helder afgebakend. Bovendien blijkt dat de aandacht voor
brandgevaar in veel gevallen pas wordt aangewakkerd na een incident elders”.

Hier spreekt de Brandraad’08 zichzelf tegen. Enerzijds vindt de Brandraad’08
dat brandbeveiliging niet hoog genoeg op de agenda staat en nu blijkt dat te
veel partijen zich ermee bemoeien. De verantwoordelijkheden zijn volgens mij
heel goed afgebakend. De overheid stelt landelijk (Bouwbesluit) en lokaal
(gemeentelijke bouwverordening) eisen aan de brandbeveiliging. Die eisen
zijn wettelijk vastgelegd en gericht op de veiligheid van mens en dier. De
erfgoedsector kan aan deze wettelijk vastgelegde verantwoordelijkheid via de
voormalige Gebruiksvergunning en de huidige Gebruiksmeldplicht niet
ontkomen. Daarnaast heeft de erfgoedsector een verantwoordelijkheid ten
aanzien van de collectie. Ten aanzien van deze verantwoordelijkheid bestaan
geen wettelijke verplichtingen. Wel is het zo dat de Erfgoedinspectie
toezicht houdt op het behoud en beheer van objecten die op de nationale
erfgoedlijst staan. Bij de door de Erfgoedinspecteurs verrichte controles op
die objecten horen ook aspecten van veiligheidszorg, inclusief
brandbeveiliging.
De verantwoordelijkheden voor enerzijds de mens en anderzijds de collectie
zijn juist heel helder afgebakend.

Dat de aandacht voor brandgevaar pas ‘aangewakkerd’ (het ontbreekt de
Brandraad’08 ondanks de ernst van het onderwerp niet aan humoristisch
taalgebruik) wordt na een incident geldt ook de Brandraad’08 zelf. Die werd
ook opgezet naar aanleiding van een incident. Erger is dat de Brandraad’08
zijn conclusies enkel en alleen op basis van dat incident lijkt te trekken
en niet op basis van grondig en systematisch onderzoek.


“Bij het beslissen over een pakket brandpreventiemaatregelen zijn de
beheerders van instellingen vaak niet volledig geïnformeerd en laten zij
zich soms leiden door vooroordelen”.

In gewoon taalgebruik heet dit: de pot verwijt de ketel dat hij zwart ziet.
In iets meer gedragen taalgebruik kan deze formulering gezien worden als wel
heel erg voor de hand liggende projectie. Het is juist de Brandraad’08 die
zich hier laat leiden door vooroordelen. Nergens in het persbericht worden
de conclusies van de Brandraad’08 gestaafd door representatief
feitenmateriaal en wat is een oordeel dat niet gebaseerd is op feiten?
Juist: een vooroordeel.


“De raad stelt bijvoorbeeld vast dat de erfgoedsector noodzakelijke
preventiemaatregelen zoals sprinklerinstallaties of compartimentering in
historische gebouwen niet zelden ten onrechte afwijst op esthetische
gronden”.

Beste experts op het snijvlak van brandveiligheid en cultureel erfgoed, en
vooral beste sprinklerverkoper Heer Walhof: een sprinklerinstallatie is niet
een noodzakelijke preventiemaatregel, maar een blustechniek.
Preventiemaatregelen zijn gericht op het voorkomen van brand. Sprinklers en
ook compartimentering hebben tot doel het effect van een brand te beperken.
Deze formulering is niet alleen in strijd met de feiten maar ook zeer
slordig, zeker voor experts die zich op het snijvlak etc etc etc
..

Het is gewoonweg niet waar dat in historische gebouwen preventieve
maatregelen vanwege esthetische bezwaren afgewezen worden. Dit is echt een
VOOROORDEEL, beste Brandraad’08. Dankzij een door staatssecretaris van OCW
Aad Nuis in 1997 uitgevaardigd Besluit Rijkssubsidiering Restauratie
Monumenten is het volgens artikel 16 niet alleen mogelijk subsidie te
krijgen voor brandpreventieve maatregelen, maar volgens artikel 28 kunnen
die maatregelen zelfs dwingend worden voorgeschreven.

Na de brand in het Armando Museum is er 1 museumdirecteur geweest die
kanttekeningen plaatste bij de esthetiek van sprinklers. Nergens anders las
ik dergelijk commentaar. Het zal toch niet zo zijn dat de Brandraad’08 op
basis van de opmerking van 1 museumdirecteur 10.000 erfgoedbeheerders over
dezelfde kam scheert? Over vooroordelen gesproken




“De Brandraad signaleert dat de aandacht voor brandbeveiliging in de
erfgoedsector weliswaar groeit, maar dat er nog het nodige te winnen valt”.

Volgens een van de Brandraad’08 leden, reagerend op mijn kritiek naar
aanleiding van het persbericht, was deze zin de kern van de discussies
binnen de Brandraad’08 op 23 april. Heel fijn om te horen, maar waarom is
die kern dan als een minimaal onderdeel in het persbericht weggestopt?
Bovendien is ‘weliswaar groeit’ een formulering die helemaal geen recht doet
aan alle stappen die sinds 1990 genomen zijn om de brandbeveiliging binnen
de erfgoedsector heel duidelijk op de agenda te zetten. 
Een uitgebreid overzicht van al die stappen is te vinden op:
http://www.museumbeveiliging.com/2008/04/24/sprinklers-voor-de-meeste-musea-
absoluut-niet-de-oplossing-persbericht-brandraad08-doet-geen-recht-aan-de-er
fgoedsector/

Het is niet zo dat de ‘aandacht voor brandbeveiliging weliswaar groeit’; de
feiten zijn dat die aandacht vooral de afgelopen 5 jaar zeer intensief is
geweest via tientallen projecten door heel Nederland waarbij
erfgoedbeheerders samen met de brandweer uit hun regio aandacht besteedden
aan brandbeveiliging.


“Het bewustzijn van de risico’s van brand en de kennis over de
organisatorische en technische preventiemaatregelen moet hogere prioriteit
krijgen bij ieder die verantwoordelijkheid draagt voor het beheer van ons
cultureel erfgoed”.

Dat bewustzijn en die kennis hebben al een aantal jaren hoge prioriteit. Dat
de branddeskundigen op dat snijvlak dit niet wisten is niet heel erg
verwonderlijk. De erfgoeddeskundigen op het snijvlak wisten dit. Hoe is het
mogelijk dat zulks in het persbericht niet duidelijk benadrukt is?


“Dat betekent ook dat er vooraf heldere veiligheidsdoelen en regels gesteld
moeten worden, zodat de verantwoordelijken hierop aangesproken kunnen worden
als het misgaat”.

De Brandraad’08 stelt hier eisen aan de erfgoedsector die heel wat verder
gaan dan de eisen die de Brandraad’08 stelde aan het eigen persbericht. Dat
persbericht geeft namelijk geen enkele duidelijkheid anders dan de
duidelijkheid dat de Brandraad’08 conclusies trekt die nergens op gebaseerd
zijn en door de feiten tegengesproken kunnen worden. De dreigende
formulering dat verantwoordelijken er op aangesproken kunnen worden wanneer
het ‘misgaat’ is ronduit belachelijk. Verantwoordelijken moeten altijd op
hun verantwoordelijkheden aangesproken worden. Dit ‘advies’ van de
Brandraad’08 is een nutteloze algemeenheid.


“Dat aan brandveiligheid een prijskaartje hangt, zou geen hindernis mogen
vormen bij het nemen van preventieve maatregelen”.

Klinkt goed uit de mond van een sprinklerverkoper: “dat mijn sprinklers duur
zijn mag voor u geen belemmering zijn om ze te kopen”. Als we ons even tot
musea beperken: de absolute meerderheid van de musea moet zich redden met
heel beperkte budgetten en wordt geheel door de inzet van vrijwilligers
overeind gehouden. Zeer beperkte budgetten zijn maar al te vaak een
hindernis om museale kerntaken naar behoren te verrichten. De Brandraad’08
laat hier wel heel duidelijk zien veel te ver weg te staan van de
erfgoedrealiteit en dat de deskundigen uit die Brandraad’08 zich niet
bewegen op het snijvlak tussen brandveiligheid en cultureel erfgoed.

Het is opvallend hoeveel aandacht, ondanks beperkte budgetten, de
erfgoedsector besteedt aan allerlei aspecten van veiligheidszorg, inclusief
brandbeveiliging.

Ton Cremers
2 mei 2008 

toncremers at museum-security.org
http://www.museum-security.org
http://www.museumbeveiliging.com
http://www.handboekveiligheidszorgmusea.nl


PERSBERICHT BRANDRAAD08
24 april 2008
NEDERLANDSE ERFGOEDSECTOR ONVOLDOENDE BEWUST VAN BRANDRISICO’S
Bij een groot aantal musea, archieven, bibliotheken en monumenten staat
brandbeveiliging niet hoog genoeg op de agenda. Recente museumbranden zoals
in Amersfoort en Steijl kunnen ook elders uitbreken. Dat concludeert de
Brandraad ’08 tijdens haar eerste bijeenkomst op 23 april te Brummen.
Onduidelijkheid over verantwoordelijkheden, onvoldoende risicobewustzijn en
gebrek aan kennis van preventiemaatregelen behoren tot de belangrijkste
oorzaken. 
Brandraad ’08 bestaat uit zes deskundigen op het snijvlak van
brandveiligheid en cultureel erfgoed die zich op persoonlijke titel hebben
gebogen over de brandveiligheid van het Nederlands cultureel erfgoed. De
raad is opgericht naar aanleiding van de branden in het Armando Museum en
het Limburgse Schutterijmuseum en heeft tot doel om brandveiligheid in de
erfgoedsector hoger op de maatschappelijke agenda te zetten.
16 miljoen erfgenamen
De Brandraad wijst er op dat beheerders van cultureel erfgoed een
verantwoordelijkheid dragen namens 16 miljoen Nederlanders. Door de
hoeveelheid
betrokken partijen bij brandbeveiliging zoals overheden, erfgoedbeheerders
en de brandweer, zijn verantwoordelijkheden niet altijd helder afgebakend.
Bovendien blijkt dat de aandacht voor brandgevaar in veel gevallen pas wordt
aangewakkerd na een incident elders. Bij het beslissen over een pakket
brandpreventiemaatregelen zijn de beheerders van instellingen vaak niet
volledig geïnformeerd en laten zij zich soms leiden door vooroordelen. De
raad stelt bijvoorbeeld vast dat de erfgoedsector noodzakelijke
preventiemaatregelen zoals sprinklerinstallaties of compartimentering in
historische gebouwen niet zelden ten onrechte afwijst op esthetische
gronden.
Verhoging brandveiligheid in de toekomst
De Brandraad signaleert dat de aandacht voor brandbeveiliging in de
erfgoedsector weliswaar groeit, maar dat er nog het nodige te winnen valt.
Het bewustzijn van de risico’s van brand en de kennis over de
organisatorische en technische preventiemaatregelen moet hogere prioriteit
krijgen bij ieder die verantwoordelijkheid draagt voor het beheer van ons
cultureel erfgoed. Dat betekent ook dat er vooraf heldere veiligheidsdoelen
en regels gesteld moeten worden, zodat de verantwoordelijken hierop
aangesproken kunnen worden als het misgaat.
De toenemende waarde van het Nederlands cultureel erfgoed staat in geen
enkele verhouding tot de investeringen die worden gedaan om het erfgoed te
beveiligen. Dat aan brandveiligheid een prijskaartje hangt, zou geen
hindernis mogen vormen bij het nemen van preventieve maatregelen.







More information about the MSN-list mailing list